16 maart, 2017

Tunische steek van de week - week 1: basis toer en gewone Tunische steek

Eén van mijn voornemens voor 2017 is om Tunisch te leren haken. Het is een techniek die me al een tijdje fascineert en waar ik heel graag meer over te weten wil komen. En omdat er vast meer zijn die dat willen, heb ik besloten om één keer per week op donderdag een Tunische steek uit te leggen op mijn blog.

Voor iedereen die niet weet wat Tunisch haken is: dat is het haken met een lange haaknaald of een haaknaald die verlengd is met een kabel. Waarom die lange haaknaald? Omdat je bij Tunisch haken in een heengaande toer eerst allemaal steken op je haaknaald opneemt om die vervolgens allemaal af te haken in een teruggaande toer. Afhankelijk van je project heb je meer of minder steken die op je haaknaald komen. Je kan je vast wel voorstellen dat je voor een deken veel meer steken nodig hebt dan voor een klein vierkantje of een sjaal. Vandaar ook die kabels. Je schroeft ze aan je haaknaald en ze zijn verkrijgbaar in verschillende lengtes. Verder is het handig om te weten dat Tunisch haakwerk over het algemeen een dikkere stof oplevert dan gewoon haakwerk. Neem daarvoor een haaknaald 1 mm dikker dan je zou gebruiken voor standaard haakwerk.


Tunische haaknaald van 30 cm lang

Tunische haakpunten en een verlengingskabel.


Om te beginnen leg ik vandaag eerst uit hoe je de basis toer haakt. Deze basis toer is het begin voor al je Tunische haakwerk. Vanuit de basis toer kan je alle Tunische steken haken die je wilt. Daarna leg ik de eerste steek uit, de gewone Tunische steek. En tenslotte laat ik je zien hoe je je haakwerk net als bij het breien afkant.

Ik ga zelf vierkantjes haken van alle steken. De bedoeling is om ze aan het eind allemaal aan elkaar te haken. Afhankelijk van het aantal vierkantjes wordt het dan een deken, kussen of tas. Ik haak zelf met Scheepjes Softfun en Softfun Denim. Ik gebruik daarvoor een Tunische haaknaald van 5 mm met een verlengkabel 20 cm. Voor kleine vierkantjes is het niet heel erg noodzakelijk om deze te hebben. Met een gewone rechte haaknaald kom je ook al een heel eind. Alleen de ergonomische haaknaalden zijn hier niet voor geschikt omdat de werkelijke haaknaald erg kort is door het handvat waar ze in vast zitten. Heb je zin om mee te doen? Laten we dan snel beginnen!

De basis toer


1. Om Tunisch haakwerk te beginnen, haak je altijd eerst een lossenketting. Voor mijn vierkantjes haak ik 21 lossen maar meer of minder kan en mag natuurlijk ook. Voor de foto's en video's gebruik ik overigens 10 lossen.
Daarna ga je vanuit de lossenketting steken op je haaknaald zetten. Dat kan je doen door in het v´tje van de lossen te steken maar mijn voorkeur gaat uit naar het bobbeltje onder de losse. Als je daar in steekt, komen de v´tjes aan de onderkant van je haakwerk wat het straks makkelijker maakt om je vierkantjes aan elkaar te haken.
Volg de geschreven uitleg of kijk naar de instructievideo.


v'tjes
bobbeltjes



























2. De eerste steek sla je bij Tunisch haken altijd over, je begint dus bij de 2e losse vanaf de haaknaald. Je steekt je haaknaald in, maakt een omslag en haalt de omslag door. Je hebt nu 2 lussen op je haaknaald. Je steekt nu je haaknaald weer in een nieuwe losse, maakt weer een omslag en haalt deze weer door. Je hebt nu 3 lussen op je haaknaald. Zo ga je door tot de laatste losse. Je hebt dan 21 lussen op je haaknaald want: je begint met 21 lossen dan heb je aan het einde van de heengaande toer ook 21 lussen op je haaknaald (of zoals op de foto's en in de video's 10 lussen).


Insteken ...

... omslaan en doorhalen

Alle lussen op de haaknaald










































3. In de teruggaande toer sluit je alle steken. Dit doe je op de volgende manier. De eerste steek is altijd een losse. Je maakt een omslag en haalt deze door de eerste lus op je haaknaald. Daarna maak je een nieuwe omslag maar deze keer haal je deze door 2 lussen. Maak weer een omslag en haal deze door de volgende 2 lussen. Haak zo verder tot je nog maar 1 lus op je haaknaald hebt staan.


Eerst een losse haken ...

... dan omslaan en door twee lussen halen ...

... tot je nog maar 1 lus op je haaknaald hebt staan









































Je hebt nu de basis toer gehaakt. Vanuit deze basis toer kan je iedere Tunische haaksteek haken die je maar wilt. Ieder Tunisch patroon begint dus met deze basis toer.



De gewone Tunische steek


De eerste steek die we gaan leren is de gewone Tunische steek. Deze steek levert een lapje op dat dicht maar - afhankelijk van de dikte van je haaknaald natuurlijk - toch soepel is. Een makkelijke steek met een mooi uiterlijk dat uitermate geschikt is voor bijvoorbeeld tassen, kussens, dekens of vesten. Omdat deze steek mooie vierkantjes oplevert, is hij ook heel geschikt om kruissteekjes op te borduren.
Volg de geschreven uitleg hieronder of kijk naar de instructievideo.


Gewone Tunische steek





















1. Je begint met het haken van een basis toer. Ik heb 21 steken opgezet voor mijn vierkantje.


Basis toer













2. De eerste steek sla je over. De eerste steek van je lapje wordt namelijk gevormd door het lusje dat al op je haaknaald staat. Steek nu je haaknaald van rechts naar links onder het 2e verticale lusje door. Maak een omslag en haal door. Je hebt nu weer 2 lussen op je haaknaald staan. Steek je haaknaald van rechts naar links onder het volgende verticale lusje door, maak een omslag en haal door. Je hebt nu 3 lussen op je haaknaald staan. Ga zo door tot en met de één na laatste steek.


Van rechts naar links onder het 2e verticale lusje door ...

... omslaan ...

... en doorhalen.

Insteken van rechts naar links, omslaan en doorhalen.












































3. De laatste steek is iets anders. In plaats van dat je de haaknaald onder het verticale lusje steekt, steek je hem óók door het lusje dat daarachter ligt. Door de laatste steek op deze manier te haken, voorkom je gaatjes langs de rand en zorg je er voor dat je ook aan de zijkant mooie v´tjes krijgt net als aan de andere zijkant. Dat maakt het aan elkaar haken/naaien van je vierkantjes een stuk gemakkelijker.  Maak een omslag en haal door. Je hebt nu als het goed is weer evenveel lusjes op je haaknaald als lossen waar je mee begonnen bent.


De laatste steek haak je door beide lusjes.













De heengaande toer is klaar!












4. Nu gaan we de toer weer sluiten. Dit doe je op dezelfde manier als bij de basis toer. Je haakt eerst 1 losse door een omslag te maken en deze door de eerste lus te halen.


De 1e steek voor de teruggaande toer is een losse.












5. Maak een omslag en haal deze nu door 2 lussen. Maak weer een omslag en haal deze door de volgende 2 lussen. Ga zo door tot je nog maar 1 lus op je haaknaald hebt staan.
Herhaal deze twee toeren tot je een vierkant lapje hebt. Ik haakte hier voor 19 toeren. Je kan controleren of je lapje vierkant is door je lapje diagonaal dubbel te vouwen. Als alle zijkanten op elkaar liggen is het vierkant.


Daarna telkens omslaan en door twee lussen halen.














Van rechts naar links insteken.

Omslaan en door twee lussen halen.























Nu is je lapje klaar maar heb je aan de bovenkant nog allemaal gaatjes. Deze gaan we dichtmaken met een afsluitende toer door te gaan afkanten. Dit lijkt een beetje op het afkanten van breiwerk.


Je lapje na 2 heen- en teruggaande toeren.













Afkanten



Je slaat de eerste steek zoals altijd weer over. Je steekt vervolgens je haaknaald van rechts naar links onder het verticale lusje van de 2e steek. Je maakt een omslag en haalt hem nu niet door 1 maar door beide lusjes. Zo hou je 1 lus op je haaknaald. Steek je haaknaald van rechts naar links onder het volgende verticale lusje door, maak een omslag en haal hem door 2 lussen. Zo ga je door tot je alle steken hebt afgekant. Knip de draad door en haal deze door de laatste lus.


Insteken ...

... omslaan ...

... en door beide lussen halen.

Insteken, omslaan ...

... en door beide lussen halen.
























































Zoals je ziet zijn nu alle gaatjes aan de bovenkant dicht en is je lapje netjes afgewerkt.

Klaar!














Zo, dat was de eerste Tunische steek van de week. Ik vond hem leuk om te doen. Helemaal niet moeilijk en het effect van de steek vind ik super. Het idee om hier op te borduren spreekt me ook heel erg aan.

Wat vond jij er van? Heb je Tunisch haken al ontdekt? Of wil je er meer van weten en ga je met me meehaken? Ik ben benieuwd!

Marjolein

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen